ECLI:NL:HR:2021:1119
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake kosten van vervolging. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor betaling. Hoewel de brief is ontvangen, is het griffierecht niet voldaan.
De griffier heeft vervolgens belanghebbende in de gelegenheid gesteld om te reageren op de niet-betaling via een bericht in het digitale dossier, dat eveneens via e-mail is gecommuniceerd. Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding tot veroordeling in proceskosten. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2021.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.