ECLI:NL:HR:2021:1141

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 juli 2021
Publicatiedatum
13 juli 2021
Zaaknummer
20/01951
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 300.2 SrArt. 350.1 SrArt. 57 SrArt. 81.1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak mishandeling en onbruikbaar maken camera

In deze strafzaak stond de mishandeling met zwaar lichamelijk letsel en het onbruikbaar maken van een camera centraal, gepleegd naar aanleiding van een kap van een boom op de erfgrens. De verdachte stelde in cassatie dat het hof ten onrechte aansluiting had gezocht bij LOVS-oriëntatiepunten die bedoeld zijn voor zwaardere delicten dan die bewezen zijn verklaard. Tevens werd betwist of sprake was van meerdaadse samenloop en werd een bewijsklacht ingediend tegen het gebruik van een brief van een ergotherapeut die door de benadeelde partij was aangeleverd.

De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk in te gaan op de vragen, omdat deze niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en daarmee het arrest van het hof bevestigd.

De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, tijdens een openbare terechtzitting op 13 juli 2021.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte is verworpen en het arrest van het hof is bevestigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/01951
Datum13 juli 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 29 juni 2020, nummer 20-000043-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.Y. Taekema, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
13 juli 2021.