ECLI:NL:HR:2021:1223

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 september 2021
Publicatiedatum
6 september 2021
Zaaknummer
20/01318
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 3.B OpiumwetArt. 11.3 OpiumwetArt. 11.5 Opiumwet
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak profijtontneming bij grootschalige hennepteelt

De betrokkene werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel in verband met medeplegen van grootschalige en bedrijfsmatige hennepteelt. Tegen dit arrest stelde de betrokkene cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het cassatiemiddel van de betrokkene beoordeeld, maar vond geen aanleiding om het arrest van het hof te vernietigen. De klachten van de betrokkene konden niet leiden tot een andere uitkomst. De Hoge Raad zag geen noodzaak om inhoudelijk op de klachten in te gaan, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

Het arrest van het hof blijft daarmee in stand en de ontnemingsvordering wordt bevestigd. De Hoge Raad wees het beroep af en bevestigde dat het gehele wederrechtelijk verkregen voordeel aan de betrokkene moet worden toegerekend in het kader van medeplegen.

De uitspraak werd gedaan door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, met raadsheren M.J. Borgers en C. Caminada, op 7 september 2021.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/01318 P
Datum7 september 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 2 april 2020, nummer 20-002173-15, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967,
hierna: de betrokkene.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft S.F.W. van 't Hullenaar, advocaat te Arnhem, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De procureur-generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
7 september 2021.