Uitspraak
zetelende te Blaricum,
zetelende te Eemnes,
zetelende te Gooise Meren,
zetelende te Hilversum,
zetelende te Huizen,
zetelende te Laren,
gevestigd te Huizen,
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
8 oktober 2021.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak hebben meerdere gemeenten gezamenlijk huishoudelijke hulp ingekocht via een open house-procedure, waarbij een onbeperkt aantal aanbieders tegen vastgestelde tarieven kan worden toegelaten. TGVS, een zorgaanbieder, maakte bezwaar tegen de gehanteerde tarieven en vorderde een kostenonderzoek op basis van de AMvB Reële prijs Wmo 2015.
De voorzieningenrechter wees de vordering af, maar het hof vernietigde dit en stelde TGVS alsnog in het gelijk. Het hof oordeelde dat de AMvB Reële prijs Wmo 2015 niet beperkt is tot aanbestedingen in de zin van de Aanbestedingswet 2012, maar ook geldt voor inkoop via een toelatingsprocedure zoals de open house-procedure.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep van de gemeenten af. De Hoge Raad benadrukt dat de AMvB is bedoeld om te voorkomen dat tarieven zo laag worden dat kwaliteit en continuïteit van zorg in gevaar komen, ongeacht de inkoopprocedure. De uitspraak bevestigt dat de AMvB ook geldt bij open house-procedures, waarmee de rechtszekerheid voor zorgaanbieders wordt versterkt.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat art. 5.4 Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 ook geldt voor inkoop via een open house-procedure.