ECLI:NL:HR:2021:1488
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over navorderingsaanslagen inkomstenbelasting 2011-2012
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2011 en 2012 had afgewezen. Tevens betrof het de daarbij gegeven beschikking inzake heffingsrente en belastingrente.
De Hoge Raad heeft het ingediende middel beoordeeld en geoordeeld dat dit middel niet leidt tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat het niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het beroep in cassatie is derhalve ongegrond verklaard en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Den Haag wordt bekrachtigd.