Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het vijfde cassatiemiddel
3.Beoordeling van de overige cassatiemiddelen
4.Beslissing
2 maart 2021.
Hoge Raad
In deze strafzaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie van de verdachte behandeld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam. De kern van het cassatiemiddel betrof het ontbreken van de pleitnota die tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 12 september 2017 door de raadsman aan het hof was overgelegd, maar niet bij de stukken aan de Hoge Raad was gevoegd.
De Hoge Raad constateerde dat zonder deze pleitnota niet kan worden vastgesteld of er meer verweren of onderbouwde standpunten zijn ingebracht dan in het arrest van het hof zijn vermeld. Dit is een ernstig procesverzuim dat de procesorde schaadt en onherstelbaar is.
Daarom oordeelde de Hoge Raad dat het onderzoek en de uitspraak nietig zijn en vernietigde het arrest van het hof. De zaak werd terugverwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe berechting en beslissing op het bestaande hoger beroep.
De overige cassatiemiddelen werden niet inhoudelijk behandeld vanwege de vernietiging. Het arrest werd uitgesproken op 2 maart 2021 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het arrest van het gerechtshof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen wegens het ontbreken van de pleitnota.