Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
15 juni 2021.
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 15 juni 2021 uitspraak gedaan in het cassatieberoep tegen het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 december 2019. De zaak betreft een verdachte die is veroordeeld voor het medeplegen van hennepteelt in de periode van augustus tot september 2013. De rechtbank had een taakstraf van 100 uur, subsidiair 50 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand opgelegd.
In hoger beroep werd het vonnis van de rechtbank bevestigd met een aanvullende strafmotivering. De advocaat-generaal had echter een gevangenisstraf van drie dagen gelijk aan het voorarrest en een geldboete van € 2.000 gevorderd, terwijl het hof in het arrest vermeldde dat de AG een taakstraf van 100 uur en 50 dagen hechtenis had gevorderd. Deze onjuiste weergave van de strafvordering van het OM leidde tot onbegrijpelijkheid van het arrest.
De Hoge Raad oordeelde dat deze onjuiste weergave in strijd is met artikel 359 lid 1 jo Pro. 415 Sv en vernietigde het arrest van het hof uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en afdoening van de strafoplegging. Het beroep werd voor het overige verworpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof is vernietigd voor wat betreft de strafoplegging en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde berechting daarvan.