ECLI:NL:HR:2022:1103
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de aanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen voor de jaren 2007 tot en met 2020. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een betalingstermijn van vier weken gesteld. Deze brief is afgeleverd op het opgegeven adres, maar het griffierecht is niet betaald.
Vervolgens heeft de griffier op 16 mei 2022 een bericht in het digitale dossier geplaatst waarin belanghebbende werd uitgenodigd om te reageren op de niet-betaling van het griffierecht. Tevens is een notificatie verzonden naar het opgegeven e-mailadres. Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. Het arrest is uitgesproken op 15 juli 2022 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.