Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3.Beslissing
1 februari 2022.
Hoge Raad
In deze zaak gaat het om een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende poging tot doodslag in 2017 tijdens een caféruzie in Venlo. Verdachte had geen cassatiemiddelen ingediend binnen de wettelijke termijn.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep en constateerde dat de wettelijke vereiste voor het indienen van cassatiemiddelen niet was nageleefd. Hierdoor kon het beroep niet inhoudelijk worden behandeld.
De Hoge Raad verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en bevestigde daarmee het arrest van het gerechtshof. De uitspraak werd gedaan door raadsheer E.S.G.N.A.I. van de Griend op 1 februari 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet indienen van cassatiemiddelen.