ECLI:NL:HR:2022:1336

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 september 2022
Publicatiedatum
29 september 2022
Zaaknummer
22/01781
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 6:1 lid 1 WvggzArt. 8 EVRM
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake verplichte zorg en hoorplicht betrokkene

In deze zaak ging het om een cassatieberoep van betrokkene tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam betreffende een machtiging tot het verlenen van verplichte zorg op grond van de Wvggz. Betrokkene weigerde zich te laten horen door niet naar de gesprekskamer te komen en op het toilet in haar kamer te blijven zitten. De rechtbank had vastgesteld dat zij niet bereid was zich te doen horen.

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van de beschikking. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk op de rechtsvragen in te gaan, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De conclusie van de Advocaat-Generaal was gericht op verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaat van betrokkene schriftelijk heeft gereageerd. Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en daarmee de beschikking in stand gelaten.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking inzake de machtiging tot verplichte zorg blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer22/01781
Datum30 september 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: F.W.E. Eijsvogels,
tegen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT AMSTERDAM,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de officier van justitie,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/13/713359 / FA RK 22/684 van de rechtbank Amsterdam van 14 februari 2022.
Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht.
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op
30 september 2022.