ECLI:NL:HR:2022:1517
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak Gerechtshof Amsterdam inzake Wet waardering onroerende zaken
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 24 november 2021, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam werd behandeld. Het geschil betrof een verzoek om een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken.
De Hoge Raad heeft de aangevoerde klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven voor dit oordeel, omdat het niet noodzakelijk was om vragen te beantwoorden die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 21 oktober 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam wordt bevestigd.