Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2022:165

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 februari 2022
Publicatiedatum
10 februari 2022
Zaaknummer
20/02082
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 8 onder 1 Verordening Brussel I-bisArt. 3:305a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt rechtsmacht Nederlandse rechter in collectieve actie lozing afval Ivoorkust

In deze zaak stond de vraag centraal of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft in een collectieve actie namens slachtoffers van afvallozing in Ivoorkust. Trafigura c.s. stelde zich hiertegen op, maar de Hoge Raad heeft hun cassatieberoep verworpen. De zaak betreft een collectieve actie onder artikel 3:305a BW en de toepasselijkheid van artikel 8 onder Pro 1 van Verordening Brussel I-bis.

De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken van de rechtbank Amsterdam en het gerechtshof Amsterdam die de Nederlandse rechtsmacht bevestigden. De klachten van Trafigura c.s. tegen het hofarrest konden niet leiden tot vernietiging, mede omdat beantwoording van de rechtsvragen niet noodzakelijk was voor de rechtsontwikkeling of eenheid.

Het incidentele cassatieberoep van de Stichting, dat alleen behandeld zou worden indien het principale beroep zou slagen, behoeft daarom geen verdere behandeling. De Hoge Raad veroordeelt Trafigura c.s. tot betaling van proceskosten aan de zijde van de Stichting.

De uitspraak bevestigt de mogelijkheid van collectieve acties in Nederland tegen buitenlandse milieuschade en benadrukt de reikwijdte van de Nederlandse rechterlijke bevoegdheid in internationale geschillen.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Trafigura c.s. en bevestigt de Nederlandse rechtsmacht in de collectieve actie.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer20/02082
Datum11 februari 2022
ARREST
In de zaak van
1. TRAFIGURA BEHEER B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. TRAFIGURA LIMITED,
gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,
EISERESSEN tot cassatie, verweersters in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: Trafigura c.s.,
advocaten: A. Knigge en. L.V. van Gardingen,
tegen
STICHTING VICTIMES DES DÉCHETS TOXIQUES DE CÔTE D'IVOIRE,
gevestigd te Papendrecht,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,
hierna: de Stichting,
advocaat: J.W.H. van Wijk.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/13/603301 / HA ZA 16-219 van de rechtbank Amsterdam van 18 april 2018;
het arrest in de zaak 200.246.355/01 van het gerechtshof Amsterdam van 14 april 2020, verbeterd bij arrest van 28 april 2020.
Trafigura c.s. hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Stichting heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.
De zaak is voor Trafigura c.s. toegelicht door haar advocaten, en mede door E.J. Teijgeler.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
De advocaten van Trafigura c.s. hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel in het principale beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
  • verwerpt het principale beroep;
  • veroordeelt Trafigura c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Stichting begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Trafigura c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op
11 februari 2022.