Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
zetelende te Den Haag,
1.Het arrest in dit geding
2.Beslissing
18 november 2022.
Hoge Raad
In deze zaak hebben drie cardiologen cassatieberoep ingesteld tegen de Staat der Nederlanden, vertegenwoordigd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Op 14 oktober 2022 wees de Hoge Raad een arrest, maar daarin werd niet vermeld naar welk gerechtshof de zaak zou worden verwezen.
Op 17 oktober 2022 verzocht de advocaat van de cardiologen de Hoge Raad om het arrest aan te vullen conform artikel 32 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), zodat duidelijkheid zou ontstaan over de verwijzing naar het bevoegde hof. De Staat liet weten zich te kunnen vinden in het verzoek en de Procureur-Generaal zag af van een aanvullend advies.
De Hoge Raad constateerde dat het arrest van 14 oktober 2022 onvolledig was wat betreft de verwijzing en besloot dit te corrigeren. Bij arrest van 18 november 2022 werd het dictum aangevuld met de verwijzing van het geding naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing. Dit arrest is uitgesproken door raadsheer F.J.P. Lock namens de kamer onder voorzitterschap van vicepresident M.J. Kroeze.
Uitkomst: De Hoge Raad vult het arrest aan en verwijst de zaak naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.