Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
22 november 2022.
Hoge Raad
In deze zaak stond de verdachte terecht voor medeplegen van mensenhandel, waarbij hij betrokken was bij het begeleiden, huisvesten en onder controle houden van mensen afkomstig uit Aruba, die werden ingezet voor strafbare feiten. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had de verdachte eerder veroordeeld.
De verdachte stelde in cassatie diverse klachten aan de orde, waaronder een betoog over de wetenschap van de aangevers omtrent het doel van het handelen van de verdachte en een bewijsrechtelijke klacht over medeplegen. Tevens werd een onvolkomenheid bij de beëdiging van meerdere raadsheren en de advocaat-generaal aangevoerd.
De Hoge Raad oordeelde dat deze klachten niet tot vernietiging van het arrest konden leiden en dat het niet nodig was om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. De Hoge Raad verwees naar een eerder arrest (ECLI:NL:HR:2022:1438) en wees het beroep af.
Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 22 november 2022.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het hof in de zaak van medeplegen mensenhandel.