Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2022:1903

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 december 2022
Publicatiedatum
19 december 2022
Zaaknummer
22/00257
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287 SrArt. 300 lid 1 SrArt. 310 SrArt. 80a RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard in zaak poging tot doodslag en diefstal

In deze zaak stond de verdachte terecht voor poging tot doodslag op twee supermarktmedewerkers, diefstal van winkelgoederen en mishandeling. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelde de verdachte en legde een maatregel van TBS met dwangverpleging op.

De verdachte stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. De procureur-generaal kreeg de gelegenheid een advies uit te brengen. De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep duidelijk niet kon slagen en maakte gebruik van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie om het beroep zonder nadere motivering niet-ontvankelijk te verklaren.

Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en het beroep werd formeel afgewezen. Hiermee blijft het vonnis van het hof in stand en wordt de opgelegde strafrechtelijke maatregel bevestigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte is niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de veroordeling en TBS-maatregel van het hof ongewijzigd blijven.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/00257
Datum20 december 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 januari 2022, nummer 21-002420-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
20 december 2022.