ECLI:NL:HR:2022:1927

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 december 2022
Publicatiedatum
22 december 2022
Zaaknummer
22/01845
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake beëindiging ouderlijk gezag in jeugdzaak

In deze zaak staat het verzoek van ouders centraal tegen het besluit van het gerechtshof Den Haag inzake de beëindiging van hun ouderlijk gezag in een jeugdzaak. De ouders stelden beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof van 23 februari 2022, na eerdere beschikking van de rechtbank Den Haag van 9 juli 2021.

De Raad voor de Kinderbescherming trad op als verweerder in cassatie, terwijl de stichting Jeugdbescherming en pleegouders belanghebbenden zijn. De ouders werden bijgestaan door advocaat A.H. Vermeulen. De Raad, stichting en pleegouders hebben geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad heeft de klachten van de ouders beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofbesluit. Op grond van artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie hoeft de Hoge Raad zijn oordeel niet nader te motiveren, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

De Hoge Raad heeft daarom het cassatieberoep verworpen en de beschikking van het hof bekrachtigd. De uitspraak werd gedaan door de vicepresident en raadsheren, en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer op 23 december 2022.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de ouders wordt verworpen en het hofbesluit tot beëindiging van het ouderlijk gezag blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer22/01845
Datum23 december 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
1. [de vader],
wonende te [woonplaats],
2. [de moeder],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
hierna: de ouders,
advocaat: A.H. Vermeulen,
tegen
RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, REGIO HAAGLANDEN,
gevestigd te Den Haag,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de raad,
niet verschenen.
Belanghebbenden in cassatie:
1. STICHTING JEUGDBESCHERMING WEST (REGIO ZUID-HOLLAND MIDDEN),
kantoorhoudende te Gouda,
hierna: de stichting,
2. [de pleegouders],
wonende op een geheim adres,
hierna: de pleegouders,
niet verschenen.

1.Procesverloop in cassatie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak FA RK 20-6933 / C/09/600339 / C/09/612085 / JE RK 21- 1182 van de rechtbank Den Haag van 9 juli 2021,
b. de beschikking in de zaak 200.301.765/01 van het gerechtshof Den Haag van 23 februari 2022.
De ouders hebben tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De raad, de stichting en de pleegouders hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de ouders heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op
23 december 2022.