Uitspraak
gevestigd te Sassenheim, gemeente Teylingen,
wonende te [woonplaats], Canada,
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
25 februari 2022.
Hoge Raad
In deze zaak staat de geldigheid van een testament uit 2015 centraal, dat werd opgemaakt door een 104-jarige erflaatster die wegens een geestelijke stoornis onder curatele was gesteld. De kantonrechter had toestemming gegeven voor het maken van het testament, waarbij werd vastgesteld dat de erflaatster wilsbekwaam was. Het hof vernietigde dit testament echter en verklaarde het nietig, omdat het oordeel over de wilsbekwaamheid onvoldoende zeker was en de complexiteit van het testament niet goed was beoordeeld.
De Hoge Raad stelt vast dat het hof onjuist heeft geoordeeld door omstandigheden te betrekken die niet relevant zijn voor de beoordeling van de wilsbekwaamheid. De kantonrechter had een onafhankelijk arts geraadpleegd en de wilsbekwaamheid van de erflaatster vastgesteld. Het hof had onvoldoende gemotiveerd waarom de geestelijke stoornis een redelijke waardering van de belangen zou hebben belemmerd.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de neef in de proceskosten van het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.