Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
19 april 2022.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze strafzaak stond een militair terecht wegens wildplassen tijdens carnaval, in strijd met artikel 4:5 van Pro de APV van ’s-Hertogenbosch. De verdachte voerde in cassatie aan dat de APV buiten werking moest worden gesteld of dat hij niet strafbaar was wegens afwezigheid van alle schuld.
De Hoge Raad heeft het cassatiemiddel beoordeeld en geoordeeld dat de klachten van de verdachte niet tot vernietiging van het arrest van het gerechtshof konden leiden. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel te geven, omdat het niet van belang was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Het beroep werd derhalve verworpen. De uitspraak bevestigt dat de gedraging van wildplassen tijdens carnaval strafbaar is en dat het verweer van afwezigheid van alle schuld in deze zaak niet slaagde.
De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, tijdens een openbare terechtzitting op 19 april 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de militair wordt verworpen en de veroordeling voor wildplassen blijft in stand.