ECLI:NL:HR:2022:673
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk inzake aanmaningskosten
Belanghebbende uit België stelde beroep in cassatie in tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hoger beroep werd behandeld over aanmaningskosten die aan belanghebbende in rekening waren gebracht door de Belastingdienst. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en gelet op het advies van de procureur-generaal geconcludeerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad het beroep daarom zonder verdere inhoudelijke motivering niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten.
Dit arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 29 april 2022. Het betreft een bestuursrechtelijke zaak met belastingrechtelijke aspecten, waarbij de Hoge Raad uitsluitend de ontvankelijkheid van het cassatieberoep heeft beoordeeld.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.