ECLI:NL:HR:2022:785
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing uitstel aangifte inkomstenbelasting 2017
Belanghebbende had bij de Inspecteur verzocht om nader uitstel voor het indienen van de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 2017. Dit verzoek werd afgewezen. Belanghebbende ging hiertegen in bezwaar en beroep bij de rechtbank en het Gerechtshof Amsterdam. Het hof bevestigde de afwijzing van het uitstel.
Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad heeft de ingebrachte middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad vond geen aanleiding om de uitspraak te motiveren, omdat de zaak geen vragen bevat die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard en zag geen reden om proceskosten toe te wijzen. Hiermee is de beslissing van het Gerechtshof Amsterdam definitief bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.