ECLI:NL:HR:2023:1224
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende per aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een betalingstermijn van vier weken gesteld. Deze brief was onbestelbaar en werd vervolgens per gewone brief verzonden naar het opgegeven adres.
Het griffierecht is echter niet betaald. De griffier heeft daarop op 6 juni 2023 een bericht in het digitale dossier geplaatst en een kennisgeving verzonden naar het opgegeven e-mailadres, waarbij belanghebbende in de gelegenheid werd gesteld om te reageren op de niet-betaling. Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om belanghebbende in de proceskosten te veroordelen. Het arrest is op 15 september 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.