ECLI:NL:HR:2023:1230
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens ontbreken gronden
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het beroepschrift voldeed niet aan de vereiste inhoudelijke eis van artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb, omdat de gronden van het beroep ontbraken. De griffier van de Hoge Raad gaf belanghebbende de mogelijkheid dit verzuim binnen zes weken te herstellen, maar de ingediende brief kwam na afloop van deze termijn binnen en werd buiten beschouwing gelaten.
De Hoge Raad past artikel 6:6 Awb Pro toe en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het arrest is gewezen door de raadsheren Wortel, Cools en Van der Voort Maarschalk en op 15 september 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig aanvoeren van de gronden van het beroep.