ECLI:NL:HR:2023:1255

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 september 2023
Publicatiedatum
15 september 2023
Zaaknummer
21/05155
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285b SrArt. 261 SrArt. 81 Wet ROArt. 450 Sv
Verwijzingen
7 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak belaging en smaadschrift tegen curator

In deze strafzaak stond verdachte terecht voor belaging (art. 285b lid 1 Sr) en het meermalen plegen van smaadschrift (art. 261 lid 2 Sr Pro) tegen een faillissementscurator. Verdachte voerde in hoger beroep zijn eigen verdediging en stelde vragen over het afstand doen van zijn recht op rechtsbijstand.

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 9 december 2021 een arrest gewezen waarin verdachte werd veroordeeld. Verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest. De advocaat-generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad heeft de klachten van verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft geen nadere motivering gegeven, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de rechtsontwikkeling of eenheid van het recht.

Het arrest is uitgesproken op 19 september 2023 door de vice-president M.J. Borgers en raadsheren C. Caminada en T. Kooijmans. Het cassatieberoep is verworpen, waarmee het hofarrest in stand blijft.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep, waardoor het hofarrest blijft staan.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/05155
Datum19 september 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 9 december 2021, nummer 20-003057-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1951,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.J.N. Vermeij, advocaat te 's‑Gravenhage, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
19 september 2023.