ECLI:NL:HR:2023:1310

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 oktober 2023
Publicatiedatum
21 september 2023
Zaaknummer
21/05198
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3.B jo. 11.5 OpiumwetArt. 3.B jo. 11.3 OpiumwetArt. 311.1 SrArt. 26.1 WWMArt. 420bis.1.b Sr
Verwijzingen
6 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt gevangenisstraf voor medeplegen hennepteelt en witwassen

De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld voor meerdere strafbare feiten, waaronder medeplegen van een groot aantal hennepplanten, medeplegen van hennepteelt in de uitoefening van beroep of bedrijf, medeplegen van diefstal door het verbreken van elektriciteit, het verkopen en vervoeren van hennepstekken, het voorhanden hebben van vuurwapens en munitie, en witwassen van contant geld.

Tegen dit arrest stelde de verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad, waarbij hij onder meer betoogde dat het hof onvoldoende gemotiveerd zou hebben waarom het geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf oplegde. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het hof nader te toetsen, omdat de klachten niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het hofarrest in stand gelaten, waarbij de strafmotivering van een gevangenisstraf van 16 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, wordt bevestigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de gevangenisstraf van 16 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, wordt bevestigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/05198
Datum3 oktober 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 6 december 2021, nummer 20-002445-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.W. Heemskerk, advocaat te Roermond, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
3 oktober 2023.