Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
26 september 2023.
Hoge Raad
De zaak betreft een beroep in cassatie tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 13 maart 2023, waarin werd beslist tot uitlevering van een persoon van Chileense nationaliteit aan Chili wegens een veroordeling voor ambtelijke verduistering.
De Hoge Raad heeft het beroep van de opgeëiste persoon beoordeeld, waarbij onder meer werd gekeken naar de toepassing van artikel 17 van Pro het VN-verdrag tegen corruptie en de vraag of de rechtbank ten onrechte een verdragsgrondslag voor uitlevering had aangenomen. Tevens werd de dubbele strafbaarheid onderzocht, met de vraag of artikel 359 van Pro het Nederlandse Wetboek van Strafrecht en artikel 239 van Pro het Chileense Wetboek van Strafrecht hetzelfde rechtsgoed beschermen.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten onvoldoende zijn om de uitspraak van de rechtbank te vernietigen en dat motivering niet noodzakelijk is omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het beroep werd derhalve verworpen, waarmee de uitlevering bevestigd blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de uitlevering aan Chili bevestigd.