ECLI:NL:HR:2023:153
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake aansprakelijkstelling loonbelasting
Belanghebbende heeft in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam geprocedeerd tegen een beschikking tot aansprakelijkstelling voor loonbelasting over de periode 2011 tot en met januari 2016, opgelegd door de Staatssecretaris van Financiën namens de Belastingdienst. Na uitspraak van het hof heeft belanghebbende cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende tegen het arrest van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van de uitspraak. De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard. Hiermee blijft de aansprakelijkstelling voor de loonbelasting zoals vastgesteld door het hof in stand.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof blijft in stand.