ECLI:NL:HR:2023:1543
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake rioolheffing 2020
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 3 augustus 2022, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland inzake de opgelegde aanslag rioolheffing voor het jaar 2020 had behandeld.
Het dagelijks bestuur van Cocencus, als verweerder, diende een verweerschrift in, waarop belanghebbende een conclusie van repliek indiende. De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof.
De Hoge Raad vond geen noodzaak om de motivering van het oordeel nader toe te lichten, aangezien beantwoording van de klachten niet van belang was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder zag de Hoge Raad geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee blijft de uitspraak van het hof ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het hof blijft in stand.