ECLI:NL:HR:2023:1787
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslagen speelvergunningsrecht
Belanghebbende, een besloten vennootschap, was in geschil met het Bestuurscollege van het Openbaar Lichaam Bonaire over naheffingsaanslagen speelvergunningsrecht voor de periode van het derde kwartaal 2017 tot en met het vierde kwartaal 2019. Na een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire werd hoger beroep ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het Hof handhaafde de naheffingsaanslagen.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het Hof. De Hoge Raad vond geen noodzaak om de motivering van dit oordeel te geven omdat de klachten niet relevant waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad besloot het beroep in cassatie ongegrond te verklaren en zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Hiermee blijft de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslagen blijven gehandhaafd.