Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2023:1826

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 juli 2023
Publicatiedatum
10 januari 2024
Zaaknummer
22/00006
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Peek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3.B OpiumwetArt. 11.2 OpiumwetArt. 11.3 OpiumwetArt. 11.5 OpiumwetArt. 311 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens ontbreken cassatiemiddelen in zaak bedrijfsmatige hennepteelt en diefstal elektriciteit

De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor bedrijfsmatige hennepteelt van een grote hoeveelheid hennepplanten, meermalen gepleegd, en diefstal door middel van het verbreken van elektriciteit. Tegen dit arrest stelde de verdachte beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. Echter, de verdachte heeft geen cassatiemiddelen ingediend binnen de daarvoor gestelde wettelijke termijn.

De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep en stelde vast dat het ontbreken van cassatiemiddelen betekent dat het beroep niet in behandeling kan worden genomen, conform artikel 437 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Hierdoor verklaarde de Hoge Raad het beroep niet-ontvankelijk.

Het arrest werd gewezen door raadsheer C. Caminada, in aanwezigheid van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 4 juli 2023. Dit arrest bevestigt het belang van het tijdig en correct indienen van cassatiemiddelen voor de ontvankelijkheid van een cassatieberoep.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet indienen van cassatiemiddelen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/00006
Datum4 juli 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 20 december 2021, nummer 21-002291-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1961,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Cassatiemiddelen zijn namens deze niet voorgesteld.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De wet bepaalt binnen welke termijn een advocaat namens de verdachte een schriftuur met cassatiemiddelen (klachten) bij de Hoge Raad moet indienen. Aan die verplichting is niet voldaan. Het gevolg daarvan is dat de Hoge Raad het beroep van de verdachte niet in behandeling kan nemen (zie artikel 437 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering).

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
4 juli 2023.