Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
10 januari 2023.
Hoge Raad
In deze strafzaak werd de verdachte, een gedetineerde, door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor poging tot doodslag en mishandeling van twee medewerkers van een penitentiaire inrichting. Het hof legde een maatregel van TBS met dwangverpleging op.
De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof artikel 51i Sv had geschonden door het afwijzen van zijn verzoek om een deskundige te benoemen en te horen. Tevens werd aangevoerd dat het arrest niet voldeed aan de motiveringsverplichting van artikel 359a lid 3 Sv, omdat het hof zich had gebaseerd op een rapportage van een psycholoog en twee psychiaters die niet als bewijs mochten worden gebruikt.
De Hoge Raad oordeelde dat deze klachten niet tot vernietiging van het arrest konden leiden en dat het niet nodig was om de motivering nader toe te lichten, omdat de vragen niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het cassatieberoep werd derhalve verworpen.
De uitspraak werd gedaan door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en A.E.M. Röttgering op 10 januari 2023.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden met oplegging van TBS met dwangverpleging wordt bevestigd.