Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
24 februari 2023.
Hoge Raad
In deze zaak stond de toepassing van de uitputtingsregel in het merkenrecht centraal, waarbij Coty Beauty Germany GmbH als eiseres in cassatie het beroep instelde tegen Easycosmetic Benelux B.V. De procedure begon bij de rechtbank Den Haag met vonnissen in 2019 en 2020, waarna het gerechtshof Den Haag op 17 augustus 2021 een arrest wees dat in het voordeel van Easycosmetic uitviel.
Coty stelde daarop cassatieberoep in bij de Hoge Raad, die de klachten over het arrest van het hof heeft beoordeeld. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest en dat het niet nodig is om de motivering van dit oordeel te geven, omdat het geen vragen betreft die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad wees tevens de proceskosten toe aan Easycosmetic, waarbij de kosten begroot werden op € 845 aan verschotten en € 22.744 aan salaris, vermeerderd met wettelijke rente indien niet binnen veertien dagen voldaan. Het arrest werd uitgesproken door raadsheer F.J.P. Lock en gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Coty wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd.