ECLI:NL:HR:2023:374
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep inzake een WIA-zaak. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende op 3 november 2022 schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor betaling.
De brief is volgens Track&Trace bezorgd op het opgegeven adres, maar het griffierecht is niet betaald. Op 5 december 2022 is belanghebbende via het digitale dossier en per e-mail in de gelegenheid gesteld om een verklaring te geven voor het uitblijven van betaling, maar hier is geen gebruik van gemaakt.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb is het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is op 10 maart 2023 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van griffierecht.