ECLI:NL:HR:2023:378
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-digitale indiening
In deze zaak heeft M. van der Stelt namens een cliënt beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag. Het beroep in cassatie werd echter niet digitaal ingediend via het webportaal van de Hoge Raad, terwijl dit volgens het Besluit van 6 maart 2019 verplicht is voor beroepsmatig optredende rechtsbijstandverleners.
De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener bij aangetekende brief verzocht het beroepschrift alsnog digitaal in te dienen binnen zes weken. Deze brief is volgens Track&Trace ontvangen, maar de indiener heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid.
Op grond van artikel 8:36a, lid 5, van de Algemene wet bestuursrecht heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en op 10 maart 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-digitale indiening.