Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2023:754

Hoge Raad

Datum uitspraak
6 juni 2023
Publicatiedatum
22 mei 2023
Zaaknummer
22/00778
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 287 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep medeplichtigheid poging tot doodslag in drugsmilieu

In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor medeplichtigheid aan medeplegen van poging tot doodslag, gepleegd in het kader van een conflict binnen het drugsmilieu. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had de verdachte veroordeeld en het beroep in cassatie werd ingesteld tegen dit arrest.

De verdediging voerde een bewijsklacht aan met betrekking tot de medeplichtigheid en stelde de vraag of het opzet op het gronddelict uit de bewijsvoering kon worden afgeleid. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten.

Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en het arrest van het hof bekrachtigd. Het arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en T. Kooijmans op 6 juni 2023.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/00778
Datum6 juni 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 maart 2022, nummer 20-000157-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1998,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
6 juni 2023.