ECLI:NL:HR:2023:912
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake invorderingsrente
Belanghebbende heeft tegen een beschikking inzake invorderingsrente beroep ingesteld bij de Rechtbank Gelderland. Na afwijzing van dat beroep werd hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, dat de uitspraak van de rechtbank bevestigde. Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende tegen het arrest van het hof beoordeeld. De klachten konden niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad zag geen noodzaak om nadere motivering te geven, omdat de klachten niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard en geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd. Hiermee is het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden definitief en blijft de beschikking inzake invorderingsrente ongewijzigd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard en het arrest van het hof blijft in stand.