Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2023:99

Hoge Raad

Datum uitspraak
27 januari 2023
Publicatiedatum
26 januari 2023
Zaaknummer
21/05013
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:17 BWArt. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake onjuiste mededeling verkoop bedrijfspand

In deze zaak stond de verkoop van een bedrijfspand centraal waarbij onduidelijkheid bestond over de mededeling omtrent een nieuwe dakbedekking. Anjelier B.V. stelde dat er sprake was van een onjuiste mededeling die tot schade had geleid. De rechtbank Noord-Holland en het gerechtshof Amsterdam hebben eerder geoordeeld over de zaak, waarbij de klachten van Anjelier werden afgewezen.

Anjelier stelde beroep in cassatie in tegen de arresten van het hof, maar de Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot vernietiging van de arresten konden leiden. De Hoge Raad hoefde geen nadere motivering te geven omdat de klachten niet relevant waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad wees het cassatieberoep af en veroordeelde Anjelier in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee werd het oordeel van het hof bevestigd dat er geen grond was voor toewijzing van schadevergoeding wegens verzuim of onjuiste mededeling in de verkoop van het bedrijfspand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Anjelier B.V. wordt verworpen en de eerdere arresten worden bekrachtigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer21/05013
Datum27 januari 2023
ARREST
In de zaak van
ANJELIER B.V.,
gevestigd te Brummen,
EISERES tot cassatie,
hierna: Anjelier,
advocaat: E.J.H. Zandbergen,
tegen
[verweerster] BEHEER B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
advocaat: J.W. de Jong.

1.Procesverloop in cassatie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/15/265364 / HA ZA 17-717 van de rechtbank Noord-Holland van 13 december 2017 en 28 maart 2018;
b. de arresten in de zaak 200.239.357/01 van het gerechtshof Amsterdam van 17 december 2019, 25 augustus 2020 en 7 september 2021.
Anjelier heeft tegen de arresten van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [verweerster] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Anjelier heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van deze arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Anjelier in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 7.015,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Anjelier deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.H. Sieburgh en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op
27 januari 2023.