Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige
4.Beslissing
10 september 2024.
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 10 september 2024 het arrest gewezen in een zaak betreffende een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van de betrokkene, in verband met mensenhandel.
Het hof Amsterdam had bij zijn berekening van de door de betrokkene gemaakte kosten een onduidelijke methode gehanteerd. Het hof deelde het bedrag aan kosten uit het ontnemingsrapport door 295 weken, terwijl het rapport zelf uitging van kosten over 240 weken. Deze discrepantie maakte de berekening niet zonder meer begrijpelijk.
De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor een nieuwe berekening en beoordeling. De Hoge Raad volgde dit advies en vernietigde het arrest van het hof Amsterdam van 25 april 2022, waarna de zaak werd terugverwezen voor hernieuwde behandeling.
De uitspraak benadrukt het belang van transparantie en begrijpelijkheid bij de berekening van gemaakte kosten in ontnemingszaken, zeker bij complexe zaken zoals mensenhandel.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam is vernietigd en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde berechting vanwege onduidelijke berekening van gemaakte kosten.