ECLI:NL:HR:2024:1202

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 september 2024
Publicatiedatum
13 september 2024
Zaaknummer
23/04751
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 36 lid 1 UNCITRAL Model Law on International Commercial ArbitrationArt. 1020 Rv Sint Maarten
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen beschikking inzake arbitrage en tenuitvoerlegging in Caribische zaak

In deze zaak heeft Sint Maarten Telephone Company N.V. (Telem) cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie betreffende de tenuitvoerlegging van een arbitraal vonnis. De procedure betreft een arbitragezaak met betrekking tot commerciële geschillen in Sint Maarten, waarbij klachten werden geuit over de toetsing aan de weigeringsgronden van artikel 36 lid 1 van Pro de UNCITRAL Model Law on International Commercial Arbitration, toepasselijk via artikel 1020 Rv Pro Sint Maarten.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere beslissingen van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Na beoordeling van de klachten concludeert de Hoge Raad dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking van het hof. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat het niet noodzakelijk is voor de rechtsontwikkeling of eenheid van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt Telem in de kosten van het cassatiegeding, vastgesteld op € 857 aan verschotten en € 1.800 aan salaris, vermeerderd met wettelijke rente bij niet tijdige betaling. De beschikking is gegeven door de vicepresident als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Sint Maarten Telephone Company N.V. wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer23/04751
Datum13 september 2024
BESCHIKKING
In de zaak van
SINT MAARTEN TELEPHONE COMPANY N.V.,
gevestigd in Sint Maarten,
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: Telem,
advocaten: J.W.H. van Wijk en J.W. de Jong,
tegen
MER SINT MAARTEN B.V.,
gevestigd in Sint Maarten,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: MER,
advocaat: B.M.H. Fleuren.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak SXM202200845 van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten van 8 december 2022;
b. de beschikking in de zaak SXM202200845-SXM2022H00180 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 13 september 2023.
Telem heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
MER heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van Telem hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Telem in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van MER begroot op € 857,-- aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Telem deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
13 september 2024.