ECLI:NL:HR:2024:1902
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake boetebeschikking belastingrecht
Belanghebbende heeft in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam bezwaar gemaakt tegen een boetebeschikking opgelegd door de Staatssecretaris van Financiën. Het hof heeft de boetebeschikking bevestigd in zijn uitspraak van 4 april 2023. Vervolgens heeft belanghebbende cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende tegen het arrest van het hof beoordeeld. De klachten zijn echter niet voldoende om het arrest te vernietigen. De Hoge Raad heeft daarbij geen motivering gegeven omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft ook geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het beroep in cassatie is daarom ongegrond verklaard, waarmee de uitspraak van het hof in stand blijft.
Deze uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van de boetebeschikking en sluit het geschil af in het bestuursrechtelijke belastingdomein.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam blijft in stand.