ECLI:NL:HR:2024:199
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak 2019
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen uitspraken van de Rechtbank Den Haag en Rechtbank betreffende de aanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringen over het jaar 2019.
De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en gelet op het advies van de procureur-generaal geconcludeerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Daarom is het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is gewezen door de raadsheren Feteris, Wortel en van der Voort Maarschalk en in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2024.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.