ECLI:NL:HR:2024:278
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake parkeerbelasting naheffingsaanslag
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake een naheffingsaanslag parkeerbelasting had behandeld.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. De Hoge Raad vond het niet noodzakelijk om de klachten nader te motiveren, omdat beantwoording van de vragen niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Feteris, Wortel en van der Voort Maarschalk en in het openbaar uitgesproken op 23 februari 2024.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.