Uitspraak
1.De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
2.De aanvraag tot herziening
3.De conclusie van de advocaat-generaal
4.Beoordeling van de aanvraag
5.Beslissing
27 februari 2024.
Hoge Raad
De politierechter in de rechtbank Gelderland heeft de aanvrager veroordeeld voor vernieling met een geldboete en subsidiair hechtenis. De aanvrager verzocht om herziening van dit vonnis op grond van een nieuw gegeven: een ernstig vermoeden van een psychiatrische stoornis voorafgaand aan en ten tijde van het delict.
De advocaat-generaal concludeerde dat de aanvraag gegrond is en dat de tenuitvoerlegging van het vonnis geschorst kan worden. De Hoge Raad oordeelde dat het aangevoerde gegeven voldoet aan de criteria van artikel 457 lid 1 onder Pro c Sv, omdat het niet bekend was tijdens het oorspronkelijke onderzoek en waarschijnlijk tot een andere uitkomst had geleid.
De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond, beveelt zo nodig opschorting van de tenuitvoerlegging en verwijst de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor hernieuwde berechting en afdoening.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting.