ECLI:NL:HR:2024:339
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk inzake invorderingsrente
Belanghebbende heeft tegen een beschikking van de Staatssecretaris van Financiën over invorderingsrente beroep ingesteld bij de Rechtbank Noord-Holland. Vervolgens is hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof Amsterdam, dat uitspraak deed op 31 januari 2023. Belanghebbende heeft tegen deze uitspraak cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid en de inhoud van het cassatieberoep beoordeeld. Na advies van de procureur-generaal is geconcludeerd dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Daarom is op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten aan belanghebbende op te leggen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Feteris, Wortel en van der Voort Maarschalk en op 8 maart 2024 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a RO.