Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beslissing
2 april 2024.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Overijssel inzake een klaagschrift over beslaglegging op diverse voorwerpen waaronder AirPods, tassen en contant geld, in het kader van een verdenking van grootschalige invoer en handel in verdovende middelen en witwassen.
De klagers richtten zich in cassatie mede tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het klaagschrift ten aanzien van AirPods (voorwerp nummer 36). De advocaat-generaal concludeerde dat het beroep voor zover het AirPods betreft niet-ontvankelijk is omdat deze inmiddels zijn vernietigd en het beslag daarmee is beëindigd.
De Hoge Raad volgt deze conclusie en neemt het cassatieberoep voor het AirPods-voorwerp niet in behandeling. Voor het overige verwerpt de Hoge Raad het beroep zonder nadere motivering, aangezien de klachten geen aanleiding geven tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De beschikking is uitgesproken door de vice-president en raadsheren op 2 april 2024.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk voor het vernietigde voorwerp AirPods en voor het overige verworpen.