Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
3.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
4.Beslissing
11 juni 2024.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 september 2022, waarin de verdachte werd veroordeeld voor verduistering en witwassen van een bedrag van €189.485,75.
In hoger beroep is een pleitnota overgelegd door de raadsvrouw van de verdachte, waarvan het proces-verbaal vermeldt dat deze aan het proces-verbaal gehecht zou worden. Echter, bij de stukken die aan de Hoge Raad zijn gezonden, ontbreekt de volledige versie van deze pleitnota.
Naar aanleiding van een verzoek van de raadsman is bij het hof nadere informatie ingewonnen, waaruit blijkt dat de volledige pleitnota niet meer beschikbaar is. Hierdoor kan de Hoge Raad niet nagaan of tijdens de terechtzitting in hoger beroep andere verweren of onderbouwde standpunten zijn ingebracht dan die in het arrest van het hof zijn besproken.
Dit leidt tot de conclusie dat het onderzoek in hoger beroep nietig is. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe berechting en beslissing op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting wegens ontbrekende pleitnota.