ECLI:NL:HR:2024:989
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over rioolheffing 2014 in cassatiezaak
Belanghebbende heeft in cassatie beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende de aanslagen in de rioolheffing voor het jaar 2014 opgelegd door het dagelijks bestuur van de Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen Limburg.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Daarbij heeft de Hoge Raad geen motivering gegeven omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Feteris, Wortel en Van der Voort Maarschalk en in het openbaar uitgesproken op 28 juni 2024.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het hof bevestigd.