ECLI:NL:HR:2025:1083

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 juli 2025
Publicatiedatum
3 juli 2025
Zaaknummer
24/03180
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 5:37 BW Sint MaartenArt. 3:13 BW Sint MaartenArt. 419 lid 2 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake onrechtmatige hinder door nieuwbouw nabij hotelterrein

In deze zaak stond centraal of de nieuwbouw op een nabijgelegen hotelterrein onrechtmatige hinder opleverde en of sprake was van misbruik van recht. Verzoeker stelde dat de bouw leidde tot beperking van het uitzicht en waardevermindering, waarbij ook de relevantie van een bouwvergunning en belangenafweging aan de orde waren.

De procedure begon bij het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten, gevolgd door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Na het vonnis van het hof stelde verzoeker beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft de klachten van verzoeker beoordeeld, maar oordeelde dat deze niet konden leiden tot vernietiging van het hofvonnis. De Hoge Raad motiveert dit niet, omdat de klachten geen vragen bevatten die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt verzoeker in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee blijft het hofvonnis in stand en wordt het beroep van verzoeker afgewezen.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en verzoeker wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer24/03180
Datum4 juli 2025
ARREST
In de zaak van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: [verzoeker],
advocaat: R.P. Streng,
tegen
1. N.V. HOTELMAATSCHAPPIJ NEDERLANDSE ANTILLEN,
gevestigd te Philipsburg, Great Bay, Sint Maarten,
2. DIVI ST. MAARTEN HOLDING N.V.,
gevestigd te Philipsburg, Sint Maarten,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: Divi c.s.,
advocaat: J.W.H. van Wijk.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak SXM202100089 van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten van 8 maart 2022 en 14 juni 2022;
b. het vonnis in de zaak SXM202100089 - SXM2022H000088 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 15 mei 2024.
[verzoeker] heeft tegen het vonnis van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Divi c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor Divi c.s. toegelicht door hun advocaat en mede door J.W. de Jong.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het vonnis van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat vonnis. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Divi c.s. begroot op € 873,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [verzoeker] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
4 juli 2025.