ECLI:NL:HR:2025:1164

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 juli 2025
Publicatiedatum
17 juli 2025
Zaaknummer
24/03286
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 3:45 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake actio pauliana en vernietiging koopovereenkomst woning

In deze zaak hebben [eiseres 1] en [eiser 2] cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 mei 2024, waarin het hof hun vorderingen op grond van de actio pauliana heeft afgewezen. De zaak betreft de vernietiging van een koopovereenkomst van een woning, waarbij samenhang is met een andere zaak (nummer 24/03282).

De Hoge Raad verwijst voor het geding in feitelijke instanties naar eerdere vonnissen van de rechtbank Overijssel en arresten van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Tegen de verweerders is verstek verleend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaat van eisers schriftelijk heeft gereageerd.

De Hoge Raad heeft de klachten van eisers beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt eisers in de kosten van het geding, die nihil zijn vastgesteld. Het arrest is uitgesproken door raadsheer ter Heide en gewezen door de vicepresident Kroeze en raadsheren du Perron, Lock, ter Heide en Schaafsma.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vorderingen van eisers worden niet toegewezen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer24/03286
Datum18 juli 2025
ARREST
In de zaak van
1. [eiseres 1] ,
wonende te [plaats] ,
2. [eiser 2] ,
wonende te [plaats] ,
EISERS tot cassatie,
hierna: [eiseres 1] en [eiser 2] ,
advocaat: A.A.M. Knol,
tegen
1. [verweerder 1] ,
wonende te [plaats] ,
2. [de oom van eiser 2] ,
wonende te [plaats] ,
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: [verweerder 1] en [de oom van eiser 2] ,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/08/278552 / HA ZA 22-88 van de rechtbank Overijssel van 22 juni 2022, 26 oktober 2022 en 14 december 2022;
b. de arresten in de zaken 200.322.263/01 en 200.331.773/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 juni 2023 (verstekarrest), 7 november 2023 en 28 mei 2024 (verzetarrest).
[eiseres 1] en [eiser 2] hebben tegen het arrest van het hof van 28 mei 2024 beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerder 1] en [de oom van eiser 2] is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres 1] en [eiser 2] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres 1] en [eiser 2] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiseres 1] en [eiser 2] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder 1] en [de oom van eiser 2] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
18 juli 2025.