ECLI:NL:HR:2025:1206

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 september 2025
Publicatiedatum
25 augustus 2025
Zaaknummer
24/02633
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287 SrArt. 26 lid 1 WWMArt. 80a RO
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep poging doodslag en vuurwapenbezit

In deze strafzaak werd de verdachte verdacht van poging tot doodslag en het voorhanden hebben van een vuurwapen in Hoogeveen in 2023. Na een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin de verdachte werd veroordeeld, stelde de verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De advocaten van de verdachte dienden een schriftuur in ter onderbouwing van het beroep.

De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het beroep beoordeeld en daarbij het advies van de procureur-generaal afgewacht. Omdat de procureur-generaal geen schriftelijk standpunt innam en het cassatieberoep volgens de Hoge Raad duidelijk niet kon slagen, maakte de Hoge Raad gebruik van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren.

Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren van de Strafkamer van de Hoge Raad in aanwezigheid van de waarnemend griffier. Hiermee komt een einde aan de cassatieprocedure zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard, waardoor het arrest van het gerechtshof ongewijzigd blijft.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/02633
Datum2 september 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 4 juli 2024, nummer 21-003933-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten D. Bektesevic en A. Stronkhorst een schriftuur ingediend.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureurgeneraal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
2 september 2025.