Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het derde cassatiemiddel
14.040,432
3.Beoordeling van de overige cassatiemiddelen
4.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
5.Beslissing
9 september 2025.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch over beroepsmatige hennepteelt en diefstal van elektriciteit in oktober 2016. De verdachte werd veroordeeld voor het telen van ruim 1600 hennepplanten en het illegaal aftappen van elektriciteit door het verbreken van de zegel van de elektriciteitsmeter en het aanleggen van een aansluiting buiten de meter om.
Het hof had de vordering van de benadeelde partij, een energieleverancier, toegewezen voor schadevergoeding over de tenlastegelegde periode en een eerdere oogst, hoewel de bewezenverklaring zich beperkte tot de periode van 1 tot en met 19 oktober 2016. De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat de schade door de eerdere diefstal binnen de bewezenverklaring valt, mede gezien de betwisting van de verdachte over betrokkenheid bij de kwekerij.
Daarnaast constateert de Hoge Raad dat de redelijke termijn voor de cassatieprocedure is overschreden, waardoor vermindering van de opgelegde gevangenisstraf met drie jaar wordt toegepast. De Hoge Raad vernietigt het hofarrest voor zover het de strafduur en de schadevergoeding betreft, wijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling van de schadevordering en verwerpt het beroep voor het overige.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de gevangenisstraf en vernietigt het hofarrest voor de schadevergoeding, waarna terugwijzing volgt voor hernieuwde beoordeling.